Dit artikel is eerder gepubliceerd in Religie & Mystiek, 2001

 

systeemSysteemtherapie

De psychologie kent vele stromingen, van puur gedragsmatig tot aan transpersoonlijk toe. Een stroming die wat buiten dit spectrum ‘lijkt’ te vallen is de systeemtherapie. De systeemtherapie richt zich namelijk niet op de persoon zelf (intrapsychisch), maar op de interactie tussen personen (interpsychisch). Deze stroming gaat er van uit dat mensen in systemen leven. Werk, gezin, familie, sportvereniging en school zijn voorbeelden van zulke systemen. Iedereen maakt tegelijkertijd onderdeel uit van meerdere systemen.

Het systeem wat in de meeste gevallen het meest invloedrijk is. Dit kan zowel het ouderlijk gezin zijn als het huidige gezin. In feite spelen zich in het huidige gezin meestal dezelfde scenario’s af als in het gezin van herkomst. Dit heeft te maken met loyaliteiten, met name de zijns-loyaliteiten. Een zijns-loyaliteit is de loyaliteit van het kind naar de beide ouders, simpelweg omdat die ouders verantwoordelijk zijn voor het leven van dat kind, voor zijn of haar zijn dus. Zijns-loyaliteiten zijn asymmetrisch en onomkeerbaar. Je bent kind van je ouders en dat verandert nooit. Het zal ook nooit een volledig gelijkwaardige verhouding zijn, simpelweg omdat het je ouders zijn en jij niet hun ouder bent.

Karaktervorming

Per definitie zoekt een kind de liefde van zijn ouders (of andere opvoeders). Een baby is volledig afhankelijk van zijn ouders en ook als het kind opgroeit zal het blijven zoeken naar die voedende liefde. Aangezien niemand perfect is en dus ook ouders niet zal op bepaalde punten of momenten die liefde niet gegeven (kunnen) worden. Dat is een heel natuurlijke frustratie. Je ouders zijn niet 24 uur per dag 100% van de tijd met jou bezig. Het huishouden moet gedaan worden, er moet gewerkt worden, het sociale netwerk moet in stand gehouden worden en ook je ouders willen wel eens wat tijd voor zichzelf. Het kind zal echter blijven zoeken naar die liefde en zal zelfs zijn gedrag aanpassen om die aandacht te krijgen. Dat kan bijvoorbeeld zijn door heel lief te zijn of heel meegaand of juist heel druk, zodat de ouders die aandacht wel moeten geven. Zo vormt zich de persoonlijkheid, het karakter. Ook relaties met andere belangrijke mensen in je leven, zoals klasgenoten (school is ook een systeem), zullen helpen je persoonlijkheid te vormen.

Veel gedrag is dus terug te voeren op oude patronen die het kind ooit heeft gebruikt om te voldoen aan de verwachtingen van de ouders om zo de liefde van die ouders te mogen ontvangen. Dit gedrag kan dus ontstaan zijn door het gewenste gedrag in het ouderlijk gezin te vertonen of door daar juist tegen te rebelleren oftewel het tegenovergestelde gedrag te gaan vertonen.

inadequaat gedragInadequaat gedrag

Op latere leeftijd kan de zo ontwikkelde persoonlijkheid wel eens niet meer zo adequaat blijken te zijn. Als je als meisje geleerd hebt om je te conformeren aan het ‘dienende’ rolpatroon, dan kan dat later wel eens lastig wezen als je in een leidinggevende functie terecht komt.  Als je als jongen geleerd hebt dat je niet mag huilen, dan kan het wel eens lastig zijn als je door je gebrek aan invoelingsvermogen je dochter niet kunt troosten. Als je een autoritaire vader had, dan zul je misschien moeite hebben om met je eigen mening naar voren te komen of juist om eens een keer niet de strijd aan te gaan.

Iedereen heeft van dit soort automatische reacties (dit wordt wel Emotional Reactive Consciousness genoemd). Vele daarvan zullen geen probleem vormen of zelfs heel nuttig zijn, maar er zullen ook patronen zijn die je tijdens je volwassenheid in de weg zitten. Vaak worden deze inadequate reactiepatronen afgereageerd op de levenspartner en/of op de eigen kinderen. In het eerste geval wordt het beeld van de vader of moeder geprojecteerd op de levenspartner (meer precies: het onuitgewerkte stuk wordt geprojecteerd). In het tweede geval treedt het fenomeen van de roulerende rekening in werking: wat je niet met je ouders hebt kunnen uitwerken werk je uit met je kinderen.

Het komt er dus op neer dat je tijdens je kindertijd patronen ontwikkelt die op dat moment de beste optie zijn, die je helpen overleven. Op latere leeftijd, wanneer je je dus in een andere situatie bevindt, zouden deze patronen wel eens niet meer toereikend kunnen zijn of zelfs contraproductief. Het is dan zaak in het hier-en-nu te kijken naar wat er in een bepaalde situatie gebeurt en het oude, niet meer adequate gedrag, te herkennen voor wat het is en te vervangen door meer adequaat gedrag. Het gaat hierbij eigenlijk niet meer zozeer om een vervanging van een gedrag, maar meer om het uitbreiden van het arsenaal, zodat er niet slecht één gekende en mogelijke inadequate reactie is, maar men kan kiezen uit meerdere opties.

religieReligies

In veel gevallen kunnen bij groepen dezelfde mechanismen herkend worden als bij personen. Dit kunnen kleine systemen zijn, maar ook wereldwijde organisaties met miljoenen volgelingen. Kerkgenootschappen zijn daar een goed voorbeeld van. Het Christendom is bijvoorbeeld ontstaan uit het Jodendom, is als het ware gebaard door het Jodendom. Begonnen als een klein baby’tje, een Guru met een paar apostelen. Uitgegroeid tot een flinke en door de ouder als gevaarlijk geziene minderheid, hetgeen de leider van deze stroming (Jezus) de kop heeft gekost. Daarna uitgevlogen en onder de bescherming van het Romeinse rijk uitgegroeid tot de machtigste religie op aarde.

Gedurende dit opgroeien heeft het Christendom zich in eerste instantie ook moeten aanpassen aan de ‘ouders’ en heeft dientengevolge reactiepatronen ontwikkeld om zich tot die ouder te kunnen verhouden.

Nu het Christendom volwassen is geworden blijken een aantal van die oude patronen niet langer adequaat te zijn en zelfs behoorlijk in de weg te zitten bij haar spirituele groei (voor het Protestantisme en de Islam, die zich op hun beurt weer van het katholicisme hebben afgescheiden, gelden identieke regels). Tot op de dag van vandaag heeft met name de Katholieke kerk grote problemen met de joden. Kijk de geschriften van de kerkvaders, de pausen, er maar eens op na of, nog duidelijker, de rol van de Katholieke kerk tijdens de laatste wereldoorlog.

Ook het feit dat de kerken leeg lopen is een blijk van een inadequate manier van omgaan met het hier-en-nu. Het is een  vasthouden aan oude vertrouwde patronen, een manier van godbeleven die vroeger goed paste, maar dat heden ten dage niet meer doet.

Net als in de psychologie is het zaak de in het hier-en-nu inadequaat geworden oude patronen te herkennen en als zodanig te benoemen. Natuurlijk is daar een natuurlijke weerstand tegen binnen kerkelijke organisaties, net zoals mensen van nature ook niet erg geneigd zijn om vertrouwde patronen te verlaten en nieuw en onbekend gedrag te gaan vertonen. Dat is onwennig, want je kent het niet en dat wordt vaak vertaald naar angst. Ook binnen religies zie je subgroepen die zich met hand en tand verzetten tegen modernisering en aan de andere kant subgroepen die de noodzaak van verandering inzien (want zonder verandering rest er alleen maar de dood). Als deze tweestrijd niet binnen het organisme kan worden uitgewerkt ontstaan er scheuringen. Binnen een persoon zou je dit sub-persoonlijkheden kunnen noemen: gedesintegreerde delen van de persoonlijkheid die een afgesplitst of autonoom gedrag gaan vertonen om toch maar de benodigde aandacht te krijgen en dat vaak doen in een vorm die de persoon zelf in problemen brengt. Binnen een iets groter systeem als een gezin of familie, uit dat zich in zwarte schaap gedrag, kinderen die niet meer met hun ouders willen praten, e.d. Binnen religies uit zich dit in schisma’s, scheuringen en afsplitsingen inclusief de daaruit volgende onuitgesproken gevoelens, zich uitende in onverdraagzaamheid en geweld. De Katholieke kerk die duidelijke antisemitische tendensen vertoont, Protestants Nederland dat zijn zuidelijke, katholieke provincies als minderwaardig behandelt en volledig in de stress schiet bij de gedachte aan een katholieke koningin (Maxima), Joden en Islamieten die elkaar het licht in de ogen niet gunnen in het Midden-Oosten.

De oplossing is simpel, maar vaak ook pijnlijk. Men moet in eigen boezem kijken en de oude onverwerkte patronen met de daarmee verbonden pijn onder ogen zien en doorleven. En dan  ….  loslaten. Pas dan kan men elkaar weer in de ogen kijken en ophouden met de kinderlijke machtsspelletjes die zoveel dood en verderf veroorzaken. De schaduw in de ogen kijken. Dit is geen eenvoudig proces en het gaat gepaard met pijn. Het heeft ook tijd nodig … en de wil om het Goddelijke Zelf te laten prevaleren boven infantiele ego-dingetjes.

Het concept van de ego-ontwikkeling met de daarbij ontstane (inadequate) patronen is verder uitgewerkt in the Jaya Ram method.

Wil je op de hoogte gehouden worden van nieuwe blogs?

Klik dan op onderstaande link (daarmee geef je toestemming dat deze gegevens worden opgeslagen).

Publicaties

Dit artikel is eerder gepubliceerd in een vakblad of e-zine. De categorie ‘publicaties in vakbladen en e-zines’ vormt een historisch archief en is ook zo bedoeld. De inhoud weerspiegelt waar ik toen stond (zie blad en datum bovenaan het artikel) en het hoeft niet noodzakelijk mijn huidige visie te weerspiegelen. Ik ben sindsdien immers ook weer een stuk verder in mijn ontwikkeling.

 

Pin It on Pinterest

Share This