Hoe kan het dat je als je je aardse zaakjes aardig voor elkaar hebt, dat je je dan toch niet helemaal gelukkig voelt? Het is misschien niet iets wat op de voorgrond staat, maar meer iets dat sluimerend aanwezig is. En er lijkt niet directe oorzaak voor te zijn. Misschien dat je dan klaar bent om op zoek te gaan naar wie je werkelijk bent en wat je hier werkelijk komt doen.

Levensfasen: de jaren van opbouw

Het leven heeft een begin, een middenstuk en een eind, je wordt geboren, je leeft een poos en je gaat weer dood. Het eerste deel van je leven bouw je op, het middenstuk van je leven houd je in stand wat je opgebouwd hebt en het laatste deel van je leven bouw je weer af. Dat is de natuurlijke cyclus van het leven.

De jaren van opbouw

Fysieke opbouw

Het eerste deel van je leven staat dus in het teken van opbouw. Het meest zichtbare is natuurlijk de opbouw van je fysieke lichaam. Je wordt geboren als volkomen hulpeloos wezentje, volledig afhankelijk van je ouders en/of andere opvoeders. Gaandeweg leer je controle te krijgen over je lichaam. Je leert om dingen vast te grijpen, te voelen, te proeven (baby’s stoppen dingen in hun mond), te bewegen. Je leert de spieren in je gezicht te gebruiken, zodat je verschillende gezichtsuitdrukkingen kunt tonen. Wie herkent er niet de eerste lachjes van een baby. Je leert kruipen, staan, lopen, rennen en fietsen. Je krijgt steeds meer controle over je fysieke lichaam, zodat je steeds beter kunt functioneren in de fysieke wereld. In de puberteit, maar de lichamelijke (en emotionele) ontwikkeling een tussensprint door en het lichaam verandert in relatief korte tijd van kinderlichaam naar het lichaam van een volwassen man of vrouw.

Emotionele opbouw

Kleine kinderen hebben nog geen controle over hun emoties. Elke emotie is er voor 100%, ongeremd. De sterke energie van emoties kan heel overweldigend zijn voor kleine kinderen. In de loop der jaren leer je om je emoties te beheersen. Dat is cultureel bepaald en het is maar de vraag hoe gezond dat beheersen van je emoties is. Hoe dan ook, het gebeurt. Je past je aan aan de normen en waarden die er in jouw gezin van herkomst, in je familie, in je geboorteplaats, geboortestreek en in je cultuur heersen. Door je aan te passen hoor je er bij, pas je in de samenleving, maar je betaalt er ook een prijs voor: je kunt niet meer onbelemmerd je emoties doorleven. De emoties die gewenst zijn mogen er zijn, maar wat niet gewenst is leer je te onderdrukken.

De puberteit is een emotioneel lastige fase. Veel pubers voelen zich erg onzeker, op alle gebieden. Ze zijn geen kind meer, maar ze zijn ook nog niet volwassen. Aan hun lichaam verandert van alles, de hormonen gieren door hun lijf, het andere geslacht wordt belangrijk, seksualiteit komt om de hoek kijken en de eerste experimenten op dat gebied vinden plaats met alle heftige emoties van dien, de overgang van lagere naar middelbare school … een heel onzekere periode die emotioneel veel met pubers kan doen. Het zijn jaren die vaak een grote invloed op het verdere leven blijven houden.

Mentale opbouw

Ook je denken ontwikkelt zich terwijl je opgroeit. Je leert praten en dingen begrijpen. Zeker op de lagere school wordt het denken sterk geactiveerd. Wederom is het de vraag hoe ‘gezond’ dat werkelijk voor je is om vol gestopt te worden met weetjes en feitjes. Aan het begin van de middelbare school begint het abstracte denken zich te ontwikkelen.

‘Ik kan me nog goed herinneren dat we op de Mavo wiskunde kregen. In het begin snapte ik er geen bal van. Als je 1 + 2 = 3 kunt optellen, wat heeft het dan voor zin om 1 te vervangen door a, 2 door b en 3 door c, zodat je a + b = c krijgt? Ik zag het nut er niet van in. En ineens begreep ik het, zag ik het nut er van in. Mijn abstracte denken begon zich te ontwikkelen.’

Het LBO en het MBO is nog steeds vrij praktisch gericht; feitjes leren. Hoe hoger de opleiding die je volgt (HBO en WO) hoe meer het praktisch leren wordt vervangen door conceptueel leren. Van informatieverwerking schuift het op naar dingen in een groter verband zien en de samenhang tussen dingen gaan zien.

De jaren van opbouw

Sociale opbouw

Ook je sociale leven bouwt zich op. Kleine kinderen hebben helemaal nog geen ik besef en spreken over zichzelf in de derde naamval (‘Peter heeft dorst’ in plaats van ‘ik heb dorst’). Kleine kinderen leven nog in de eenheid met hun omgeving. Op een gegeven moment treedt dat ik-besef door en gaan kinderen zichzelf los zien van anderen. Dan komt er een sterke ik-gerichte fase, waarin kinderen ook nog niet zo goed kunnen samen spelen (‘dat is van mijn’, ‘ik wil dat hebben’). Na deze ik-gerichte fase komt de sociale fase, waarin kinderen leren samen te spelen en waarin de eerste vriendschappen en vijandschappen ontstaan. In de puberteit begint de andere (of dezelfde) sekse interessant te worden en begint de ontwikkeling van de seksualiteit. De ‘peer group’ wordt enorm belangrijk, het er wel of niet bij horen en het je identificeren met bepaalde muzikale en sociale stromingen. De eerste bijbaantjes komen in beeld, je gaat zelf geld verdienen en uitgeven. Na de middelbare of hogere school krijg je je eerste fulltime baan. Je gaat meer geld verdienen en je krijgt ook steeds meer verantwoordelijkheid. Verliefdheden beginnen vaste relaties te worden. Of misschien trek je de wereld rond en vergroot zo je eigen wereld.

De 20-er en 30-er jaren

Met name de twintiger jaren staan in het teken van het opbouwen van een gezin en een carrière. Fysiek, emotioneel, mentaal en sociaal ben je relatief volgroeid. Je verlaat het ouderlijk huis en leert om op eigen benen te staan en te voorzien in je eigen levensonderhoud. Relaties nemen vastere vormen aan en werk en carrière worden belangrijk. Het stichten van een eigen gezin en de kinderwens komen om de hoek kijken. Lag in de 70-er jaren de gemiddelde leeftijd waarop vrouwen hun eerste kind krijgen nog rond de 20, ondertussen is dat opgeschoven naar rond de dertig[1]. Een deel van de 20-er en 30-er jaren wordt in de poepluiers door gebracht. Er gaat veel aandacht naar de kinderen en het opvoeden daarvan. Hoe ouder de kinderen worden, hoe zelfstandiger ze worden en hoe minder je je energie daarin hoeft te stoppen. Zeker na de lagere school gaan kinderen heel snel hun eigen weg en dat is ook gezond. Je wordt steeds meer ouder op afstand en ook dat is gezond. Naast het gezin is carrière opbouw in deze fase nog steeds erg belangrijk. Enkele decennia geleden was het nog normaal dat moeders hun baan opgaven om voor de kinderen te zorgen en als de kinderen groter werden en steeds meer hun eigen weg ging, kreeg je het fenomeen van de herintredende moeder. Tegenwoordig zijn de zorgtaken meer verdeeld tussen vader en moeder en veel vrouwen blijven ook werken als ze kinderen hebben; lang leve de crèche, bso en de oppasoma’s. Wederom kun je je afvragen hoe gezond deze tendens is voor het kind.

Levensfasen: de jaren van stabilisatie

Waar de 20-er jaren nog sterk in het teken van de opbouw van een eigen leven in de vorm van gezin en werk stonden, begint in de 30-er het in stand houden van wat is opgebouwd belangrijker te worden. Van een gezin opbouwen gaat het naar een gezin onderhouden. Van een carrière beginnen gaat het naar een carrière uitbouwen of een baan vast houden. Een volkomen gezonde ontwikkeling.

De 30-er jaren crisis

Na de ‘crisisjaren’ van de puberteit kan nu het fenomeen van de 30-er jaren crisis optreden: is dit alles? Alles lijkt op rolletjes te gaan, maar er knaagt iets. Alles wat verworven diende te worden is verworven, maar het bevredigt niet langer om gezin, huis en carrière na te jagen. Deze 30-jaren crisis is bij het grote publiek minder bekend, dan puberteit enerzijds en overgang en midlife crisis anderzijds, maar toch komen veel 30-ers in de knel. Daar spelen ook astrologische en esoterische factoren in mee, waar ik nu niet verder op in zal gaan omdat dat te veel afdwaalt van de intentie van dit artikel.

De 30-er jaren crisis heeft te maken met de overgang van opbouw naar stabilisatie. In deze fase begint zingeving en spiritualiteit vaak ook sterker naar voren te komen, al zal dat niet altijd even bewust zijn. Maar bewust of niet, het kan wel maken dat er een gevoel van onvrede met het leven ontstaat of een onvervuld gevoel. Er kan een behoefte ontstaan om meer bij te dragen aan de maatschappij, om anderen te helpen en niet alleen maar meer bezig te zijn met huisje, boompje, beestje.

midlife crisisOvergang en midlife crisis

De overgang bij vrouw kan al eind 30-er jaren intreden, maar meestal is het tussen de 45 en de 55[2]. De midlife crisis bij mannen is minder duidelijk gedefinieerd: tussen de 35 en de 50[3]. De gemiddelde leeftijd waarop mensen scheid kent ook een piek in de 40-er jaren[4]. Dus zowel de 30-er als de 40-er jaren kennen zo dus hun crisissen en daarbij speelt bij het oplopen der jaren steeds sterker het zingevingsvraagstuk.

Levensfasen: de jaren van afbouw

Net zoals de jaren van opbouw geleidelijk over gaan in de jaren van stabilisatie en uitbouw, zo gaan deze jaren van consolidatie geleidelijk over in de jaren van afbouw. Dat is één van de oorzaken van de midlife crisis. De kinderen gaan het huis uit en je hebt een nieuw levensdoel te vinden, een nieuwe invulling aan je leven. En als je nog iets anders wilt gaan doen, dan is zo rond de 50 een beslissingsmoment; als je te lang wacht dan kan het niet meer of in ieder geval veel moeilijker. Nog wat later volgt de VUT of het pensioen en weer wordt er een deel afgesloten. De lichamelijke gebreken nemen toen met de jaren en de eindigheid van het fysieke leven wordt een steeds belangrijker thema.

Alles op de rit en toch niet helemaal gelukkig

Met het vorderen van de leeftijd wordt het thema zingeving of spiritualiteit steeds belangrijker. Het is een natuurlijke ontwikkeling. Na het fysiek volgt het emotionele, na het emotionele volgt het mentale, na het mentale volgt het spirituele. Het gaat niet allemaal achter elkaar, er zit een grote overlap in, maar in zit toch wel een verschuiving in van het meest fysieke naar het minst fysieke.

De piramide van Maslow laat deze verschuiving mooi zien; van de bodem van de piramide naar de top er van. Als aan de basisvoorwaarden is voldaan, dan ontstaat er ruimte voor zingeving en verdieping. Het is een natuurlijke beweging.

Deze behoefte aan diepgang kan zich op verschillende manieren uiten. Het kan een sluimerend gevoel van onvervuldheid zijn. Regelmatig dient het zich aan in de een of andere vorm van crisis:

  • relatieproblemen,
  • stress en burn-out,
  • onzekerheid,
  • angsten,
  • ontslag, problemen op het werk of
  • ziekte, om er maar een paar te noemen.

Crisissen als weg tot Zelf-bevrijding

Wij mensen zijn gewoontedieren en om los te komen uit vastgeroeste patronen is er vaak een duwtje nodig of zelfs een stevige knal; een vastgeroeste moer sla je immers ook los met stevige hamerslagen. Het is nodig om ons weer in beweging te krijgen. Het leven streeft naar heelheid, is mijn stellige overtuiging en heelheid bereik je door dat was niet-heel is aan het licht te brengen. Dat is dus de crisis, die zichtbaar maakt waar je leeft in onwaarheid naar jezelf.

 

  • Crisissen zijn een weg tot Zelf-bevrijding. Het Zelf is de tegenpool van het ‘ik’.
  • Het Zelf ontstijgt het aardse leven en heeft hogere doelen dat de ik-gerichte doelen.
  • Het Zelf is wat je werkelijk bent, het ‘ik’ is wat je denkt te zijn.
  • Jouw Zelf is onbegrensd, jouw ‘ik’ kent alleen maar beperking.
  • Jouw Zelf wil dat jij je Volledige Potentieel ontplooit, jouw ‘ik’ wil dat je je klein houdt.
  • Het Zelf wil dat jij jezelf bent, het ‘ik’ wil dat je alles behalve jezelf bent.

Het sluimerende verlangen

Een crisis kan out of the blue verschijnen, door een onverwachtse gebeurtenis, maar vaker is het een geleidelijke opbouw. Het sluimerende gevoel van onvervuldheid groeit en culmineert in een crisis. De crisis zal achteraf heel bevrijdend blijken te zijn, maar er doorheen gaan kan behoorlijk pittig zijn. Vaak zal het je confronteren met diep verborgen angsten en met aanpassingsgedrag dat nobel lijkt, maar dat naar jezelf volkomen liefdeloos is. Je hebt onder ogen te komen hoe jij al die tijd niet jezelf geweest bent en hoe je je hebt aangepast ten koste van jezelf. De crisis brengt je weer terug bij jeZelf, mits je de handschoen oppakt.

Het sluimerende verlangen naar vervulling is wat maakt dat je je toch niet gelukkig voelt, terwijl je alles hebt wat je dacht te begeren. Het sluimerende verlangen is een oproep om ‘wakker’ te worden en je werkelijke levensdoel te gaan leven. Wanneer je daar klaar voor bent, heb je zelf te bepalen. Vaak is het nodig dat je een tijdje zit ‘voor te koken’, alsof je wordt klaar gestoomd om je te bevrijden van aangeleerd gedrag en beperkende overtuigingen. Jij bent zo oneindig veel meer dan je ooit kunt bevroeden.

Dus als je alles op de rit lijkt te hebben en je bent toch niet gelukkig, dan is de kans groot dat je toe bent aan een nieuwe stap in je leven. Een stap richting verdieping, richting jezelf bevrijden, richting het los komen van oude niet langer passende patronen. Jouw Zelf klopt aan de deur. Ga je open doen?

[1] https://www.cbs.nl/nl-nl/achtergrond/2014/29/ouderlijk-gezin-beinvloedt-timing-eerste-moederschap

[2] https://www.ymea.nl/overgang/duur/

[3] https://nl.wikipedia.org/wiki/Midlifecrisis

[4] http://www.fpvi.nl/statistieken-echtscheiding.html

Wil je meer blogs over Zelf-bevrijding ontvangen?

Klik dan op onderstaande link en je krijgt een mail zo gauw er een nieuwe blog is gepost.

Hoe waardevol is dit?

Als je dit artikel waardevol vindt, deel het dan op je tijdlijn, tag andere personen en/of stuur het door naar mensen die je kent en die hier baat bij zouden kunnen hebben. Gun het hen dat ze hun eerste stappen naar een gezondere levensstijl mogen maken.

Wat ga jij doen met deze inzichten?

Welk inzicht vind je het meest nuttig? En ga jij de deur openen voor jouw Ware Zelf? Deel het hieronder in het commentaarvak en/of laat een reactie achter Facebook.

Pin It on Pinterest

Share This